Toezicht bodembeheer Leidsche Rijn
Opdrachtgever: Gemeente Utrecht StadsOntwikkeling
In het kader van de Vierde Nota Extra (VINEX) is het Leidsche Rijn-gebied aangewezen als locatie voor grootschalige woningbouw. Het totale gebied Leidsche Rijn beslaat een oppervlakte van circa 2.500 ha. In het ontwikkelingstraject van Leidsche Rijn worden de volgende 3 hoofdfasen doorlopen:
- bouwrijp maken; saneren, ophogen;
- woonrijp maken; aanleg bovengrondse en ondergrondse infrastructuur;
- bouwen.
De gemeente Utrecht, StadsOntwikkeling (SO), is binnen het project Leidsche Rijn zowel kwalitatief als kwantitatief verantwoordelijk voor de bodem; dit betreft met name de fase van het bouwrijp maken. Ingenieursbureau Land BV levert op detacheringsbasis de projectcoördinatie voor de gemeente Utrecht StadsOntwikkeling op de VINEX-locatie Leidsche Rijn.
Binnen de VINEX-locatie, voorheen een agrarisch gebied, hebben allerlei bedrijfsactiviteiten plaatsgevonden. In het algemeen sprake van licht verontreinigde grond; in het kader van de Ministeriële Vrijstellingregeling Grondverzet zijn bodemkwaliteitskaarten opgesteld. Plaatselijk komen sterk verontreinigde locaties voor bij de oude boerenerven en bedrijfsgebouwen, voormalige ondergrondse tanks, gedempte sloten en incidenteel een kleine stortplaats.
Wij verzorgen voor Stadsontwikkeling het gehele toezicht van bodem en omgangsregelingen voor grondverzet van licht verontreinigde grond. Verder stelt de projectcoördinator saneringsplannen op, vraagt vergunningen aan, stelt rapportages op en begeleidt de saneringen binnen de VINEX-locatie, die in eigen beheer door de StadsOntwikkeling worden uitgevoerd. Relevante beleidswijzigingen worden gesignaleerd, besproken en waar mogelijk plannen bijgesteld.
Onze projectcoördinator wordt gezien als vooruitgeschoven post van StadsOntwikkeling en fungeert voor de uitvoerende civiele medewerkers als eerste vraagbaak bij milieuvraagstukken. Tevens wordt de directievoerder ondersteund in zijn werkzaamheden door het opstellen van bouwverslagen, weekrapporten en termijnstaten en het beoordelen van meerwerk-opgaven die door de aannemer worden ingediend. Na afloop van het grondverzet worden verificatieonderzoeken verricht. De kwaliteit van de bodem wordt verwerkt op een overzichtskaart van het gebied, zodat integraal een goed beeld van de bodemkwaliteit wordt vastgelegd.